Gevestigde namen en jong talent verenigd in Schuberts machtige Octet.
Traditiegetrouw vieren we kerst op de zaterdagavond voor het feest, dit jaar in het teken van Franz Schubert. Voorafgaand aan het concert is er een ontvangst met glühwein, bubbels (met en zonder alcohol) en oliebollen. Leden van het Dudok Quartet Amsterdam, James Oesi, Jelmer de Moed en jong talent voeren samen Schuberts grootste kamermuziekwerk in de sfeervolle Posthoornkerk.
Naast een schat aan liederen, pianowerken en symfonieën schreef Schubert veel kamermuziek, waaronder strijkkwartetten en een prachtig strijkkwintet. In 1824 voltooide hij zijn Octet in F, geschreven voor twee violen, altviool, cello, contrabas, fagot, hoorn en klarinet. Vermoedelijk diende het als voorbereiding op zijn Negende Symfonie. Het ontstond in dezelfde periode als zijn beroemde Rosamunde-kwartet en het alom bejubelde Der Tod und das Mädchen, terwijl Schubert op dat moment al leed aan syfilis.
Het Octet werd zijn grootste kamermuziekwerk: een zesdelige compositie van ruim een uur, geschreven in opdracht van de Weense klarinetvirtuoos Ferdinand Troyer. Vaak wordt het vergeleken met het Septet van zijn idool Ludwig van Beethoven (1770-1827), waarin bijna dezelfde instrumenten klinken. Het eerste deel van het Octet is afgeleid van Schuberts lied Der Wanderer uit 1816, terwijl het vierde deel een thema bevat uit zijn Singspiel Die Freunde von Salamanka uit 1815.
Fotograaf: ROBVANDAMFOTO.NL