Met in de grond resten
van het eerste Amsterdamse
stenen
gebouw

D

Dirk van Hasseltssteeg 6

Dirk van Hasseltssteeg 6, Amsterdam

In 1275 kreeg Amsterdam het beroemde Tolprivilege van de Hollandse graaf Floris V. Op dat moment wordt op de plek van het huidige huis het eerste stenen bouwwerk van Amsterdam gebouwd. Maar waarvoor diende het? En wie liet het bouwen?

Eind 13e eeuw
Bouw “Kasteel van de Heeren van Amstel”
Begin 17e eeuw
Bouw huis
2004
Stadsherstel eigenaar
2007
Gerestaureerd
Nu
Bedrijfsruimte en woningen
1275
Tolprivilege

Al 3 generaties Amsterdammers

Officieel begint de geschiedenis van Amsterdam in 1275 als Amsterdam het ‘Tolprivilege’ krijgt. Maar in dat jaar woonden hier al minstens 3 generaties geboren en getogen Amsterdammers. Met het Tolprivilege zorgde graaf Floris V van Holland ervoor dat de Amsterdammers producten in Holland konden verkopen zonder dat ze onderweg tol hoefden te betalen. Dit scheelde nogal in de kosten en zorgde ervoor dat er lucratief handel kon worden gedreven. Het was het begin van een economische groei die van het dorpje de rijkste stad ter wereld zou maken.

Rond die tijd werd er ook druk gebouwd op de plek waar eeuwen later ons huis aan de Dirk van Hasseltssteeg zou komen te staan. Het eerste stenen gebouw van Amsterdam werd omstreeks 1280 gebouwd. Vreemd genoeg gaat dit bouwwerk volledig verloren in de geschiedenis, want er is niks over vastgelegd. Maar dat het echt heeft bestaan, bleek toen archeologen er in 1994 onverwacht op stuitten. Namelijk bij de bouw van de parkeergarage op de Nieuwezijds Kolk. Het 13e-eeuwse bouwwerk bevond zich diep onder de grond en leek op een beschadigd kasteel of verdedigingswerk, dat waarschijnlijk nooit is voltooid, of vlak na voltooiing weer is afgebroken.

Kasteel
De Heeren van Aemstel

Stadsheer van Amsterdam

In eerste instantie werd gedacht dat dit het legendarische ‘Kasteel van de Heeren van Aemstel’ was, in de literaire traditie bekend van Vondels Gijsbrecht. De van Amstels beheerden en bestuurden de 13e eeuwse nederzetting Amsterdam voor de bisschop van Utrecht en Holland voor graaf Floris V, Gijsbrecht IV van Amstel werd als Stadsheer gezien. Dit kasteel werd ook genoemd in de eerste gepubliceerde stadsbeschrijving van Amsterdam, die verscheen aan het begin van de 17e eeuw, en tevens in de daaraan toegevoegde beschrijving van ruim honderd jaar eerder.

Het Kasteel werd ongeveer op deze plek gedacht. Alle latere stadbeschrijvers hebben dat sindsdien – zonder verder onderzoek – overgenomen. Maar een sluitend bewijs was er niet; het komt niet voor in eigentijdse bronnen, de van Amstels hebben er nooit een oorkonde uitgevaardigd en in de stadplattegrond zijn geen aanwijzingen van een kasteel te vinden, evenmin op oude afbeeldingen. De meningen bleven verdeeld. Ook nadat plotseling de 13e eeuwse muurresten gevonden werden. Er werd verder onderzoek gedaan zoals historisch, archeologisch, dendrochronologisch etc. Archeologen denken nu dat het een versterkt gebouw is geweest, gebouwd door Graaf Floris V van Holland die toen net heerser over Amsterdam geworden was en zijn eigendom wilde versterken. Hij was echt een kastelen bouwer.

Bouwheer
Graaf van Holland

Einde van graaf Floris V

Met de man die de geschiedenis inging als degene die Amsterdam voor het eerst formeel op de kaart zette en waarschijnlijk het kasteel liet bouwen, liep het niet goed af. Dat was wel een beetje zijn eigen schuld, want volgens de overleveringsgeruchten verkrachtte Floris de vrouw van Gerard van Velsen, Heer van Beverwijk, die vervolgens wraak op hem nam.

Hij ontvoerde, in samenwerking met o.a. de van Amstels, in 1296 Floris. Ze sloten hem vijf dagen op in het Muiderslot. Bang voor een bevrijdingsactie verplaatsten ze hem, maar stuitten toen op zijn sympathisanten. Dit is het moment waarop Gerard van Velsen besloot zijn vrouw te wreken: met een slag van zijn zwaard hakte hij eerst de handen van Floris af, om hem daarna met 20 steken om zeep te helpen. Gijsbrecht moest Amsterdam verlaten, zijn bezit werd ingenomen. Gerard werd geëxecuteerd vanwege zijn aandeel in de moord op Floris V. De zoon van Gijsbrecht, Jan van Amstel, komt in 1303 terug naar Amsterdam maar wordt verdreven door de zoon van Floris V. Hij straft Amsterdam omdat het Jan van Amstel binnenliet. Alle stadswallen en poorten moesten geslecht worden. Toen is waarschijnlijk ook “het kasteel” gesloopt tot op de fundering.

In een liedbundel uit 1591 wordt de gebeurtenis als volgt beschreven:

‘Intussen sliep de graaf van Holland bij Gerards bijzonder mooie vrouw.
Zij riep luid: ‘Verkrachting en geweld,
wat doet u nu, mijn edele landsheer?
Als iemand anders mij zo behandelde,
zou u hem met uw zwaard verdrijven.’
Huilen en kermen mochten haar niet baten,
haar eer verloor ze bij die gelegenheid.
Toen hij zijn wil had gedaan,
begaf hij zich op weg naar Utrecht.’
Rol van Stadsherstel

Amsterdam onder de grond

Ons 17e eeuwse huisje kwam op de plaats te staan waar in de 13e eeuw de stenen versterking stond, die in de 14e eeuw afgebroken werd en waar in ieder geval ook in de 15e eeuw een gebouw stond. Onder de grond is namelijk tijdens het archeologisch onderzoek ook een 15e eeuwse slietenfundering gevonden, naast de 13e eeuwse stenen kloostermoppen van de versterking en de Rotterdamse houten paalfundering van ons 17e eeuwse huis.

Het huidige 17e eeuwse pand had, voordat wij er eigenaar van werden, tijdens de bouw van de naastgelegen parkeergarage al een nieuwe fundering gekregen. En die stalenbuisfundering is natuurlijk ook teruggevonden onder de grond. We hadden een plan gemaakt om al deze funderingsresten zichtbaar te maken vanuit dit huisje aan de Dirk van Hasseltssteeg. Maar omdat er twijfels waren of de funderingsresten goed genoeg konden worden geconserveerd, is er door de gemeente voor gekozen om alles weer af te dekken, om eventueel later, als de conserveringstechnieken beter zijn, de resten alsnog tentoon te stellen.

Vrienden bedankt

Gelukkig zijn de panden zelf wél gered. Voormalig wethouder Frank de Grave had daar destijds een hard hoofd in, daarom vroegen wij hem om in 2007 de openingshandeling verrichten. Hij onthulde een, door de Vrienden betaalde, gevelverfraaiing, bestaande uit zes bovenlichten waarin de geschiedenis van de pandjes 2 t/m 6 is uitgelicht.
Word ook Vriend en maak dit soort herinneringen mogelijk.
Restauratie
Onbewoonbaar

Gekraakt, kaalgesloopt en dichtgetimmerd

Toen wij dit pand met twee buurpanden aankochten was de fundering dus al vernieuwd maar voor de rest diende er van alles aan te gebeuren. Het huis was diverse malen gekraakt en helemaal kaalgesloopt zodat er weinig meer van over was. Gelukkig was de originele 17e eeuwse spiltrap, die van de 1e verdieping naar de sporenkap liep, nog aanwezig. De voorgevel was meerdere malen gewijzigd, maar in de achtergevel waren nog de 17e-eeuwse klezoren in het metselwerk opgenomen. En op de 1e verdieping zit een brede geprofileerde balklaag met korte sleutelstukken met ojief profilering. Deze is te dateren in de eerste helft van de 17e eeuw. Ook bevindt zich binnen nog een gestukadoorde schouwpartij uit het einde van de 18e eeuw. En het lijkt alsof hier, net als bij de twee buurpandjes, pas in later tijd de bovenste verdieping op is gezet. Wat er al was hebben we natuurlijk gekoesterd en voor de rest is het casco hersteld. Na restauratie hebben wij weer een bedrijfsruimte teruggebracht met erboven woningen.

Bedrijfsruimte
Winkelwoonhuis

Koopman in eieren, barbier en herenkapper

Eigenlijk is hier altijd wel bedrijvigheid geweest. Zo was er vóór 1889 een koopman in eieren, H.A. Hilkemann, gevestigd en in 1913 zat er een barbier. Ook in een advertentie uit 1942 lezen we dat er een kapperszaak huisde, in 1965 door J. Rohof gerund als herenkapperszaak. Buurjongen Eddy Waas (1947) herinnert het zich nog goed, hij woonde van zijn kleutertijd tot zijn 22e tegenover de kapper boven de kledingzaak van zijn opa. Opa Dingsdag verkocht o.a. de befaamde regenjassen van Falcon, die gemaakt werden bij Hollandia Kattenburg. Bij de grote razzia werd zijn opa daar ook opgepakt, maar gelukkig is hij teruggekomen na de oorlog. Eddy kan het zich nog goed herinneren dat het een levendige straat was met veel winkeltjes. Op nummer 2 zat een kledingzaak en op nummer 6 zat de kapper waar hij kind aan huis was. Als zesjarige mocht hij er, staand op een stoofje, al helpen om heren in te zepen voor het scheren. Je kunt wel zeggen dat hij daar het kappersvak met de paplepel ingegoten heeft gekregen. Uiteindelijk heeft hij er zijn beroep van gemaakt en heeft hij nog steeds, nu al meer dan 50 jaar, zijn eigen kapperszaak aan de Postjesweg.

Meer informatie

Lees ook:
Dirk van Hasseltssteeg 4 ‘Gebouwd boven ‘Het Kasteel van de Heeren van Amstel’

Bronnen:
Archief Stadsherstel
Stadsarchief Amsterdam
Delpher
Amsterdam.nl
Het kasteel van Amstel

Aan dit project hebben meegewerkt:
Restauratiearchitect: Rappange
Restauratieaannemer: Konst en van Polen

Dit project is mede mogelijk gemaakt door:
De Vrienden van Stadsherstel

Cookie toestemming
Wij gebruiken cookies om uw gebruikerservaring te optimaliseren en het webverkeer te analyseren. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en worden niet gedeeld. Lees meer over hoe wij cookies gebruiken. Als u akkoord gaat met ons gebruik van cookies, klikt u op "Ok, ik wil verder".
instellingen
Functionele cookies: deze cookies zijn nodig voor een goed werkende website
Analytische cookies: deze cookies worden gebruikt om statistieken van de website bij te houden. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en worden niet gedeeld. Tevens wordt het laatste octet van het IP-adres automatisch gemaskeerd.