Van de Franse School tot de beroofde Fransman

K

Kerkstraat 396-398

Kerkstraat 396-398, Amsterdam

Dit pandje heeft de afgelopen eeuwen het een en ander meegemaakt: van het slijpen van diamanten tot het borduren van ingewikkeld passement, en van Frans onderricht aan welgestelden tot een Fransman die hier door een dame van zijn goed gevulde portemonnee werd beroofd. Toen wij het kochten was het pand zeer vervallen, nu siert het weer het laatste stukje Kerkstraat voor de Magere Brug.

1672
Bouw
1968
Stadsherstel eigenaar
1978
Restauratie
Nu
2 Woningen
Straat
Amstelkerkstraat

Er zit een luchtje aan

Het pand Kerkstraat 396-398 is evenals de nummers 400 en 402 gebouwd op de erven 38 en 39 aan de ‘Amstelkerkstraat’. In 1669 verkopen Burgemeester en Thesaurieën van Amsterdam beide erven elk voor één derde part en voor in totaal 1000 gulden aan metselaarsgezel Jasper Gerritszn Rijswert, meester-glazenmaker Henrik Janssen Linde en meester-timmerman Gerrit Janssen van Diemm, die zijn part binnen drie dagen overdoet aan schuitenvoerder Gerrit Pieterszn.

Rijswert verkoopt in 1671 de helft van zijn aandeel, gelegen aan de westzijde, aan meester-metselaar Huybert Janszn. In 1672 is het erf volbouwd en in 1682 wordt het huis aan turfdrager Govert Gijsbertszn Mommer verkocht door zijn weduwe.

Maar er blijkt iets vreemds aan de hand met het eigenaarschap. Een maand na de verkoop verzoeken Pieter Cantoor en Meijnsje Caspers, weduwe van Jan Reijnierszn de schepenen om benadering van het perceel op basis van een schepenkennis uit 1671.

Kennelijk staan zij in hun recht, maar zij blijven vervolgens in gebreke bij het aflossen van de koopsom. In 1689 is de executieverkoop; eigenaar wordt Robbert Belshoff, onder de voorwaarde dat er een oplossing voor de stankoverlast moet komen als blijkt dat de beerput te dichtbij het buurpand staat: “zo bevonden mogte werden dat de secreetkuyl de belende te nae mogte staen”.

Huurders
Brand ‘gelieve te verhoede’

Naar believen van de oud-eigenaar en zijn dochter

In 1699 verkoopt Gaillard Cormarie het huis aan Hendrick Henckhuysen met een bijzondere constructie, waaronder de voorwaarde dat de verkoper en zijn dochter er mogen blijven wonen en het huis – zonder de koper hierin te kennen – mogen verhuren “so het hem en sijn dogter believe sal”. Henckhuysen wordt verplicht tot het onderhoud en betaling van de belastingen die bij het huiseigenaarschap horen. Henckhusysen koopt het pand voor 2600 gulden, maar betaalt vooralsnog slechts 4% aan Cormarie, die op zijn beurt huur verschuldigd is. Deze huur wordt geheel gecompenseerd door de rente, zodat dit met gesloten beurzen gaat. Als het huis door brand of een ander ongeval “(Dat God genadiglijck gelieve te verhoede)” vergaat, mag Henckhuysen bepalen of hij het huis weer opbouwt of niet.

Zes jaar later, brand en ongeval zijn het huis bespaard gebleven, verkoopt Henckhuysen aan Gerrit van Tienhooven. In de akte wordt niet meer gerept over Cormarie en zijn dochter. De nabestaanden van Van Tienhoven verkopen het huis in 1750 aan Jacobus Huree, wiens nabestaanden het huis in 1791 weer van de hand doen aan Jan Coenraad Tieleman. Tieleman bewoont het huis en verhuurt een kamer aan Johanna Maria Stram, voor ƒ 120 en de kelder aan Anthony Wakker, voor ƒ 65.

Bewoners
Franse school

Een school voor welgestelden

Tenminste tussen 1717 en 1742 is er een Franse school in het pand gevestigd, eerst beheerd door Hendrik Erkenraed c.s., later door Henr. Moniette. Op Franse scholen werd Frans gedoceerd – soms was Frans zelfs de voertaal – en daarnaast andere vakken zoals rekenen en boekhouden, maar ook aardrijkskunde, geschiedenis, wiskunde, sterrenkunde en navigatie. Het was particulier onderwijs en dus voorbehouden aan de welgestelden.

In 1891 woonde hier de weduwe A.M.M. Berger, die passementwerker was. Passement is een vorm van decoratief borduurwerk of kantkloswerk van goud- of zilverdraad en vervaardigd door een gespecialiseerd kleermaker. Het is intensief handwerk waarin kwastjes, pompons, franje en dergelijke verwerkt worden. Denk hierbij aan lampekappen, theatergordijnen maar ook aan kostuums van hoogwaardigheidsbekleders.

Begin 1895 wordt “allen die iets te vorderen hebben van -, verschuldigd zijn aan- of onder hunne berusting hebben, betreffende de nalatenschap” van Maria Cornelia van Beek, weduwe van Fredrik Meergart (1817-1890), verzocht zich te melden. Frederik was timmerman en het stel staat op dit adres ingeschreven in het Bevolkingsregister tussen 1874-1893. In 1873 heeft het echtpaar een advertentie geplaatst dat zij hun zilveren huwelijk vierden.

Beroving
Maandagochtendvieren

Het diamantslijpsel ging naar een goed doel in plaats van sterke drank

Tussen 1900 en 1902 is hier het ‘robes et confection’ naaiatelier gevestigd van mej. B. van Leeuwen- Mok. In 1909 krijgt B. Mok een voorlopige vergunning met een proeftijd van één jaar voor ‘eene electrisch te drijven’ diamantslijperij en in verband daarmee voor het op de eerste verdieping plaatsen van twee elektromotoren met een gezamenlijk vermogen van 3 pk. Een jaar later vraagt Mok een definitieve vergunning aan. Er wordt hem echter opnieuw een voorwaardelijke vergunning gegeven. In 1913 staat Mok nog vermeld in het weekblad van den Algemeenen Nederlandschen Diamantbewerkersbond, onder het kopje “verantwoording ingekomen gelden K.S.F.”.

Onder diamantwerkers was het van oudsher de gewoonte om de opbrengst van het slijpafval en de afgebroken koperen steeltjes die de diamantslijpers als gereedschap gebruikten tijdens het ‘maandagochtendvieren’ in sterke drank om te zetten. Maar vanaf 1905 kreeg de opbrengst een beter doel: het opgerichte K.S.F. (Koperen Stelen Fonds) bekostigde er de verpleging en het herstel in sanatoria en herstellingsoorden van georganiseerde diamantbewerkers met TBC mee.

Het meest opzienbarende verhaal stamt wel uit 1929, toen een dame hier een kamer onderhuurde en er een Fransman van een aanzienlijk bedrag beroofde. In 1938 koopt grossier P. Veenendaal het pand. In 1941 woonde hier in de bovenwoning het echtpaar Salomon Cauveren (1882-1942), van beroep sigarenmaker en Lea Cauveren-Cohen (1883-1942), gehuwd in 1914. Ook woonde er de ongehuwde Sara Scharis (1868-1942), linnennaaister. Alle drie worden zij op 24 september vermoord in Auschwitz.

Rol van Stadsherstel
Bijzondere constructie

In 1968 konden wij dit vervallen rijksmonument voor een aantrekkelijke prijs aankopen. In 1970 werd ons ook Kerkstraat 402 en nummer 400, dat een tweeling vormde met dit pand, aangeboden.

Voor de drie panden is een gezamenlijke restauratie uitgevoerd. De panden waren in erg slechte staat bij aanvang van de restauratie. Gelukkig kon het aanzicht gered worden: een sobere laat 17e-eeuwse Hollands-classicistische halsgevel met trosversiering in klauwstukken, een gebogen topfronton en houten onderpui met twee deuren.

In afwijking van de gebruikelijke aanpak vervaardigde de architect in nauw overleg met Bureau Monumentenzorg en Stadsherstel de restauratieplannen; de directie en uitvoering van de restauratie werd vervolgens in het beheer van Stadsherstel uitgevoerd. Later zouden onder leiding van het eigen bouwbureau van Stadsherstel meerdere restauraties worden uitgevoerd.

Na de restauratie zijn in de drie panden zeven woningen opgeleverd. Dit pand, voorheen nummer 398 werd bij de restauratie in 1978 Kerkstraat 396-398 en bestaat uit de twee woningen 396 en 398-B. Ook biedt het trappenhuis in dit pand toegang tot de bovenwoningen van het naastgelegen pand op nummer 400: nog altijd onlosmakelijk als een tweeling met elkaar verbonden.

Meer informatie

Bronnen:
Archief Stadsherstel
Amsterdam Monumentenstad
Delpher
Joods Monument
Inventarisatie Schoolvoorbeelden, ihkv Gemeentelijk Monumenten Project Stadsdelen van bureau Monumenten & Archeologie Amsterdam o.l.v. Jouke van der Werf, 2004
Stadsarchief Amsterdam
Tussen Taal en Beeld
Vakbondshistorie

Aan dit project hebben meegewerkt:
Restauratiearchitect: H.R. Aiking
Restauratieaannemer: Hillen & Roosen

Cookie toestemming
Wij gebruiken cookies om uw gebruikerservaring te optimaliseren en het webverkeer te analyseren. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en worden niet gedeeld. Lees meer over hoe wij cookies gebruiken. Als u akkoord gaat met ons gebruik van cookies, klikt u op "Ok, ik wil verder".
instellingen
Functionele cookies: deze cookies zijn nodig voor een goed werkende website
Analytische cookies: deze cookies worden gebruikt om statistieken van de website bij te houden. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en worden niet gedeeld. Tevens wordt het laatste octet van het IP-adres automatisch gemaskeerd.