Brommen in de cel en andere verhalen

Brommen in de cel en andere verhalen Brommen in de cel en andere verhalen

Een monument komt pas echt tot leven als we de verhalen kennen. De verhalen en foto’s delen we graag met u. Zoals het verhaal van de veldwachter en de palingvisser. En kom te weten waarom men een nachtje moest brommen in de cel. 

Waarvoor de cel in?

Inmiddels wordt uit de verhalen, die naar aanleiding van de crowdfunding binnenkomen, duidelijk dat de zwaardere criminelen doorgestuurd werden naar het hoofdkantoor. In de cel van het Politiebureautje op Sloten werden zij alleen kort opgesloten terwijl er vervoer naar elders werd georganiseerd. Dronkenlappen bleven voor hun eigen en ieders veiligheid wel overnachten in de cel. Overigens, de veldwachter ging dan wel 's nachts thuis slapen! Een overzicht waarvoor men (volwassenen en schooljeugd) moest zitten op Sloten:

Opsluiting in de cel voor:

  • openbare dronkenschap;
  • bescherming: te dronken om naar huis te gaan (onverlicht buiten; waardoor gevaar in de sloot te fietsen erg groot was);
  • ruit ingooien (al dan niet expres);
  • lawaai maken op straat;
  • fietsen zonder licht;
  • fietsen waar dat niet mocht;
  • diefstal, bijvoorbeeld een appel uit de kratten buiten bij de groenteboer;
  • voetballen op het pleintje voor de Sloterkerk (toen nog niet vol auto's);
  • rottigheid uithalen, zoals belletje trekken.

Zo wist mevrouw de Ruijter, zij woonde vanaf haar geboorte (1932) tot begin jaren zestig naast het Politiebureautje, te vertellen dat een invalagent vaak op zondagochtend achter een boom ging staan om kerkgangers te betrappen die door de steegjes fietsten.  

Een foto van veldwachter Aalbert Bosch (1858)

Frans Bosch stuurde ons deze prachtige foto van zijn overgrootvader Aalbert Bosch. Hij werd in 1901 veldwachter op Sloten nadat hij in 1900 als (rijks)veldwachter/jachtopziener in Avereest en later in Jisp werkte. Jachtopzieners werden toen ook onbezoldigde (rijks)veldwachters. Later was hij bezoldigd. In 1905 wordt hij voorgedragen en benoemd als brigadier. 

Het Politiebureautje in de Tweede Wereldoorlog

En aannemer Richard Nieuwenhuizen weet nog heel goed wat zijn vader hem vertelde toen zij samen langs het Politiebureautje reden.

“In januari 1941 werd mijn vader Jacobus Cornelis (Jaap) Nieuwenhuizen tijdens een razzia op het bedrijventerrein IJssloot opgepakt. Hij werkte bij de op dit terrein gevestigde Timmerbedrijf fa. Brom-Peeters. Samen met tientallen andere jonge mannen werd hij voor dwangarbeid direct op transport gezet richting Duitsland. Mijn vader was als lefgozer echter niet van plan om daar aan mee te werken en besloot van de trein te springen. Hij vertelde later: “… toen heb ik het stomste gedaan wat ik ooit in mijn leven heb gedaan; ik ben weer bij die Brom-Peeters gaan werken. Ik dacht dat die Duitsers achterlijk waren!” Jaap werd op 29-01-1941 opnieuw opgepakt en voor één nacht vastgezet in het Politiebureautje. De volgende dag was er een nieuw transport richting Duitsland. Maar opnieuw besloot Jaap niet de volle reis mee te gaan maken. Hij vertelde later aan mij: “…toen heb ik het slimste gedaan wat ik ooit in mijn leven heb gedaan; ik ben opnieuw van de trein gesprongen en definitief het boerenland in gevlucht….” Daar dook hij onder en  timmerde zich als zelfstandige de oorlog door, terwijl hij er ondergronds “…alles aan deed wat god verboden had om die Duitsers dwars te zitten!”. De dag van die 2e en geslaagde vluchtpoging werd later met terugwerkende kracht  de dag van oprichting van Bouw- en aannemingsbedrijf J.C. Nieuwenhuizen B.V. (JCN). In de 50-er jaren begon Jaap op het bedrijventerrein waar hij zijn timmercarieëre begonnen was zijn eigen kantoor en werkplaats en dat is er nu nog gevestigd.’’

Nog een onbekende foto

En van de heer Bouwman kregen wij deze foto van zijn vader met politiehond die ooit veldwachter was op Sloten. Zijn verhaal hopen we binnenkort te vertellen.

Oude melkbussen

En soms brengt een foto mooie herinneringen tot leven zoals bij Chris Smeenk(oud-medewerker van Geurt Brinkgreve, de geestelijk vader van Stadsherstel).
“Wat mij direct opviel bij de deze foto, waren de melkbussen, die langs de weg stonden. Ze stonden daar om gevuld te worden opgehaald, of ze waren daar net leeg gedeponeerd. Ik kan mij, als tachtigjarige en opgegroeid in het “buitengebied”, dat detail in het straatbeeld nog heel goed herinneren.’’

De Sint en het Politiebureautje

Maar ook nieuwere herinneringen komen weer boven zoals van A. Holtman:
“St Nicolaas bezoekt ieder jaar de school De Driesprong op de Sloterweg. Op vrijdag 3 december 2010, was er paniek op school. De Pieten melden dat de Sint vast zat in het kleine politiebureau. Hij was opgepakt vanwege "wildplassen". de kinderen kwamen Sint "bevrijden". Na vele beloftes het nooit meer te doen werden de boeien van de Sint afgedaan door de dienstdoende agent. Sint vertrok daarna vergezeld van zijn helpers naar de school.”

De veldwachter en de palingvisser

En graag vertellen we weer een verhaal uit oude doos van de laatste veldwachter Freek Raat. 
Freek stond tot 1965 klaar om de rust en orde in het Amsterdamse dorp Sloten te handhaven. Vanuit zijn Politiebureautje ging hij vaak op pad. 

‘Het toezicht op handhaving van wetten e.d. moest in de jaren na de oorlog enigszins worden verhoogd. Nu was het zo, dat menigeen zonder de vereiste papieren en/of met verboden vistuig in de Sloterpolder, waar veel paling en zeelt zat, viste. Hier werd inmiddels tegen opgetreden.
Via, via kreeg ik te horen dat één der dorpelingen, waarvan ik reeds wist dat hij met fuiken viste, had rond verteld dat die ‘lange zwarte’(dat was ik) wel erg vroeg op moest opstaan, wilde hij hem betrappen. Uiteraard kon ik deze opmerking niet negeren. Dus op zekere nacht, vroeg het bed uit, om drie uur met de roeiboot het water op, alwaar een plekje opgezocht, waar ik de polder kon overzien. Het zal vijf uur gewest zijn, toen ik de bewuste dorpeling door het weiland aan zag komen lopen en in zijn bootje stappen. Hij roeide naar de ‘oude’ Slotervaart en lichtte daar drie fuiken, welke hij vervolgens weer in het water plaatste. Daarna voer hij de Kerksloot in, waar hij zetlijnen, een verboden vistuig bleek te hebben uitgezet. (Een zetlijn of stek is een stuk snoer met aan de ene kant een beaasde haak en aan de andere kant een stukje hout of takje. Dit hout wordt dan, nadat het snoer in het water is gegooid, in de grond van de oever gestoken, zover, dat het vrijwel onzichtbaar is.)

Nadat de visser zijn zetlijnen had nagezien, roeide hij terug naar de hoek van de Slotervaart en de Kerksloot, waar ik hem opwachtte. Hij was zeer verbaasd en vroeg ‘Waar kom jij vandaan?’ Ik antwoordde: ‘Uit mijn bed en ben maar eens vroeg opgestaan’. Hij kon dit antwoord niet waarderen net als de bekeuring die ik hem aanzegde en de inbeslagname van zijn drie fuiken en de zetlijnen. Hij heeft mij een jaarlang niet gegroet als ik hem in het dorp tegenkwam. Ik vond dat niet erg sportief van hem.'     

Het boekje met de verhalen van Freek Raat is een van de bedankjes die u kunt krijgen als u helpt om deuren van Het kleinste Politiebureautje van Nederland te openen. Op www.mijnstadsherstel.nl ziet u hoe u het kunt bemachtigen.

Heeft u ook verhalen en/of foto’s?

Neem dan contact op met Stella van Heezik via www.mijnstadsherstel.nl 

Cookie toestemming
Deze website maakt gebruik van cookies van derde partijen voor analyse van dataverkeer. Privacyverklaring.