Van kerk voor scheepslui naar kerk voor
alle Amsterdammers

D

De Oosterkerk

Kleine Wittenburgerstraat 1, Amsterdam

Wij zijn in 2022 eigenaar geworden van de 17e eeuwse Oosterkerk. Zo voegen we weer een mooi monument toe aan het lijstje van meer dan veertig religieuze gebouwen waar wij eigenaar en beheerder van zijn. Ook dit huis zal een mooie muzikale, culturele en betekenisvolle toekomst krijgen voor alle Amsterdammers.

1671
Bouw kerk
1962
Gesloten vanwege gebreken
1978
Aankoop door Gemeente Amsterdam
2022
Stadsherstel eigenaar
Nu
Planontwikkeling
Over de straat
Daniel Stalpaert

Er waren vier kerken bedoeld in de Kerkstraat

Onze kerk staat op het eiland Wittenburg. In de tweede helft van de 17e eeuw werden in het IJ in Amsterdam drie eilanden aangeplempt; de ‘Oostelijke Eilanden’. Een verklaring voor de naam Wittenburg van één van de eilanden is te vinden in de namen van Jan Witheyn (1610-1662) en zijn compagnon Jacob Burggraaf (1610-circa 1681) die er in 1657 een scheepswerf – een van de eerste – begonnen. Het eiland ligt aan de Nieuwe Vaart met daaraan de Wittenburgergracht, Kattenburgervaart, Dijksgracht en Wittenburgervaart.

De drie Oostelijke Eilanden Oostenburg, Kattenburg en Wittenburg ontwikkelden zich in die tijd tot het bruisende hart van de Amsterdamse scheepsbouw en zeehandel, met als middelpunt de werven en pakhuizen van de Verenigde Oostindische Compagnie en de werf van de Admiraliteit.

Het stedenbouwkundig plan voor de vierde Stadsuitbreiding van Amsterdam is door stadsbouwmeester Daniel Stalpaert in 1663 ontworpen. Hij had het idee om vier protestantse kerken in Amsterdam te bouwen, met elkaar verbonden door een lange straat: de Kerkstraat. Het ging om de Oosterkerk, de Amstelkerk en twee kerken die nooit zijn gebouwd; één bij het Molenpad (bij het begin van de Kerkstraat achter de Leidse gracht) en één bij de Weesperstraat.

Het deel van de Kerkstraat ten oosten van de Amstel heeft later andere namen gekregen: Nieuwe Kerkstraat, Plantage Kerklaan en de Korte Kerkstraat, die in 1943 weer omgedoopt werd in Tussen Kadijken. Stalpaert ontwierp ook een andere Stadsherstelkerk; de Amstelkerk. Deze herbergt sinds 1986 het kantoor van Stadsherstel Amsterdam, en fungeert op vele avonden en weekends als ruimte voor culturele evenementen.

De voorganger
Houten preekschuur

Hier kwam wel een stenen exemplaar voor terug

De Oosterkerk dateert uit 1671. De bevolking van de Oostelijke eilanden was hoofdzakelijk protestants. In het midden van de 17e eeuw werd voor de eredienst tijdelijk een houten ”preekschuur” op Rapenburg, een ander in het IJ aangeplempt eiland, gebruikt. Deze preekschuur werd te klein en moest ook wijken voor de bouw van de Rapenburgersluis. De Amstelkerk (1670) was aanvankelijk ook als tijdelijke houten preekschuur gebouwd. Rond 1840 was zij erg bouwvallig geworden, maar sloop worden tegengehouden door een legaat van een kerkganger, waarmee de kerk kon worden opgeknapt. Zodoende is het geplande stenen exemplaar van de Amstelkerk nooit van de grond gekomen en is de houten kerk nu een permanent gebouw geworden.

Na de sloop van de preekschuur op Rapenburg werd hier in 1665 door de Vroedschap en de ‘Heeren Burgemeesteren’ opdracht gegeven om een stenen kerk te ontwerpen, die gebouwd zou worden op de meest centrale plek van de Eilanden: de Wittenburgergracht aan de Nieuwe Vaart. De bewoners van de Kadijken konden daar ook komen met de overhaal (pontje) in het midden van de Nieuwe Vaart (die toen ‘Nieuwe Zeevaart’ heette). Waarschijnlijk heeft Daniel Stalpaert het stramien van de kerk bedacht en Adriaan Dortsman de ontwerpdetails bepaald.

Daniel Stalpaert had enkele jaren eerder in ’s Graveland en Oudshoorn kerken gebouwd in dezelfde sobere stijl, die we nu het Hollands classisisme noemen. Hij ontwierp de Oosterkerk in de vorm van een Grieks kruis (met vier even lange benen), de hoeken opgevuld met vier lagere aanbouwen, zodat een vierkante plattegrond ontstond met vier zware pijlers binnen in de kerk.

De bouw van de Oosterkerk
Elias Bouman

Op 1e kerstdag 1671 werd de kerk in gebruik genomen

De uitvoering van het werk was in handen van 4 meestermetselaars: Elias Bouman (1635- 1686, – hij maakte o.a. de Portugees Israëlische Synagoge en ons Huis de Pinto – en zijn vader Claes Barentsz Bouman (1612-1679) en verder Willem Brederode en diens vader en stadsmetselaar Jan Dilleman Brederode.

Voor de onderheiïng werden 2192 ‘masten’ de veenbodem in gedreven. Om te voorkomen dat de palen gingen rotten moest de muur die er op steunt doorlopen tot onder het grondwaterniveau. Dat betekende op het buitendijkse Wittenburg dat de muren moesten doorlopen tot meer dan vier meter onder de kerkvloer. Aan de hoeken van de kerk waren diepe putten om het regenwater op te vangen.

De kerk lijkt op de Amstelkerk. Beide kerken hebben een vierkant grondplan van 28,3 x 28,3 meter, wat neerkomt op 100 bij 100 voet. Het is gebouwd in de vorm van een Grieks kruis, waarbij vier monumentale zandstenen pijlers met Ionische kapitelen de binnenhoeken van het Griekse kruis markeren, met lage zijruimten tussen de armen en een uitspringende ingangspartij. Op de kruising van de schilddaken kwam een koepeltoren. De kerk werd, twee jaar na aanvang van de bouw, op 1e kerstdag 1671 in gebruik genomen. Bij de feestelijke ingebruikname werd er volgens de boeken voor honderden guldens bier geleverd door de Brouwerij de Parel (eveneens gevestigd op de Wittenburgergracht).

Interieur
Geloof, hoop en liefde

Voorzichtigheid; een duif en twee gekronkelde slangen

Tot 1985 was de complete inventaris uit de bouwtijd nog aanwezig. Behalve de preekstoel, de twee herenbanken bij de hoofdingang en zes van de oorspronkelijk acht houten psalmborden aan de pijlers resteert hiervan niets meer. Wel zijn nog een deel van de zerkenvloer en twee fraaie koperen oliekronen uit 1835 aanwezig.

De vier zandstenen pijlers met Ionische kapitelen markeren de binnenhoeken van het Grieks kruis.Op het niveau van de kap is de kruisvorm ook zichtbaar, in de vorm van twee elkaar kruisende houten tongewelven. De belangrijkste onderdelen van het meubilair zijn voorzien van symbolische emblemen.

De preekstoel bevat rijk gesneden panelen met allegorische voorstellingen van ‘Geloof, Hoop en Liefde’. Attributen van het geloof sierden de oorspronkelijke trapleuningen. Palmtakken en slangen met de staart in de bek, symbolen van de overwinning (door het geloof) en het eeuwig leven, komen herhaaldelijk voor op de preekstoel, de psalmborden en het fries boven het noordportaal. Boven het noordelijke kerkportaal bevindt zich ook een rijk gesneden fries, voorzien van de spreuk ‘Prudentes et Innocentes’, verwijzend naar Mattheus 10, 16: ‘Weest dan voorzichtig gelijk de slangen en oprecht gelijk de duiven’. Daar is ook het symbool van voorzichtigheid, een duif en twee gekronkelde slangen, weergegeven, omgeven door een Bijbel, psalmboeken, geldbuidels, een duiventros, graanhalmen, lelies, palmtak en een lauwerkrans.

Klok en orgel
Vincent van Gogh

Bovenop de kerk staat een met lood beklede houten koepeltoren met een klok, waarop de hele en de halve uren worden geslagen. Rond de klok loopt in reliëf het opschrift:

DUM CAMPANA SONANS EX AEQUO DIVIDO TEMPUS,
PETRUS HEMONY ME FECIT AMSTELODAMI ANNO DOMINI 1671
(Met mijn slagen verdeel ik, de klok, de tijd in gelijke stukken; Pieter Hemony heeft mij gemaakt in Amsterdam in het jaar des Heren 1671).

Vincent van Gogh heeft de klok gezien, hij was een regelmatige bezoeker. Ook het Van Oeckelenorgel uit 1871 moet hij aangehoord hebben. In 1877 heeft hij de Oosterkerk meerdere malen bezocht omdat hij dominee wilde worden. Hij woonde toen bij zijn oom, op de Marinewerf op Kattenburg (die was daar Schout bij nacht). Een andere oom van Vincent predikte soms ook in deze kerk. Deze oom begeleidde hem bij zijn theologiestudie. Vincent beschrijft aan zijn broer het uitzicht met de kerk:

“Vandaag was het een stormachtigen dag, vanmorgen naar de les gaande keek ik op de brug den kant van de Zuiderzee uit, daar was een witte streep aan den horizon waarboven donker grijze wolken waaruit in de verte den regen in schuine strepen neerkwam, daartegen teekende zich de lange rei huizen met de Oosterkerk af.”

Verval
Gesloten i.v.m. gebreken

Gered mede dankzij de buurt

De kerk is gebouwd als Nederlands-hervormde kerk. Uit de overgebleven kasboeken van de kerk blijkt dat de inkomsten van de kerk, naast algemene inkomsten zoals ledenbijdragen, collectes en schenkingen, bestonden uit de opbrengst van de verkoop van de grafruimten, de verkoop van regenwater, ‘stoelen-geld’ en (helaas) af en toe de verkoop van ornamenten zoals de oude kroonluchters, doofpotten etc.

Dat de kerk soms tijden heeft gekend dat het echt veel slechter ging blijkt uit de oude kasboeken met als dieptepunt het jaar 1962 toen de bouwvallige kerk werd gesloten en er in 1963 een plan klaar lag om de zeer bouwvallige kerk te slopen. Maar mede door protesten van buurtbewoners is dat niet gebeurd.

De gemeente kocht de kerk in 1978 en restaureerde de kerk ook. Het werd een herbestemming voor welzijnsinstellingen. Toen werden de glazen kantoorruimtes in de hoeken en een ovaal in het midden in de kerk geplaatst naar een ontwerp van Architect P.H. (‘Sier’) van Rhijn (1922-1989). In 2012 vetrokken de welzijnsorganisaties uit de kerk, maar al vanaf 2007 werden er discussies gevoerd over de toekomstige bestemming van de Oosterkerk.

Rol van Stadsherstel
Jaren plannen maken

Stadsherstel heeft ook jaren naar een goede herbestemming gekeken. Een paar jaar geleden hadden we een prachtig plan bedacht, samen met de afdeling archeologie van de gemeente Amsterdam. Waarbij archeologische vondsten en het werk daaraan, zichtbaar zouden zijn. Maar dat plan ging helaas niet door. Voornaamste reden was de gemeente zich terugtrok en het financieel tekort op het project.

In december 2017 kwam de verkoop van de kerk weer ter sprake. De gemeente besloot alleen te verkopen aan een POM-organisatie; omdat wij dat zijn kwamen we weer in beeld. Ook vindt de gemeente het belangrijk dat de kerk de belangrijke buurtfunctie behoudt.

Met de 2 beoogde huurders; het Balletorkest (HBO) die de ruimte vooral gaat gebruiken als orkest-repetitieruimte en kantoor en de Citykerk met het nieuw op te richten ‘Betekeniscentrum’ met daarin het huis van Verbinding, het huis van Bezieling en het huis van Vernieuwing, zal dit al zeker het geval zijn. Maar ook is er naast de programmering door HBO en het Betekeniscentrum voldoende ruimte voor andere buurtbijeenkomsten en -activiteiten. Uit de intentieovereenkomst voor het nieuwe plan:

“De Oosterkerk blijft een betekenisvolle culturele plek, met in de toekomst een nog grotere diversiteit aan activiteiten voor alle Amsterdammers”.

De planvoorbereiding zal geheel 2022 in beslag nemen waarna we in 2023 kunnen starten met de verbouwing en herbestemming.

Vrienden bedankt

Onze Vrienden droegen bij aan de aankoop en hebben ook een bijdrage gegeven voor de herbestemming van de Oosterkerk.

Word ook Vriend en maak dit soort herbestemmingen mede mogelijk.
Word ook Vriend
Meer informatie

Bronnen:
Vincent van Goghroute
David Mulder over het interieur van de kerk in Binnenstad feb 2017
Website Oosterkerk
Archief Stadsherstel
Stadsarchief Amsterdam
Beeldbank Rijksdienst voor het Cultureel erfgoed
Beeldbank Rijksmuseum
Delpher

Aan dit project werken mee:
Balletorkest (HBO)
betekeniscentrum
Protestantse Kerk Amsterdam (PKA) – als partner namens het Betekeniscentrum
Gemeente Amsterdam
Prins Bernhard Cultuurfonds

Dit project is mede mogelijk gemaakt door:
De Vrienden van Stadsherstel

Cookie toestemming
Wij gebruiken cookies om uw gebruikerservaring te optimaliseren en het webverkeer te analyseren. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en worden niet gedeeld. Lees meer over hoe wij cookies gebruiken. Als u akkoord gaat met ons gebruik van cookies, klikt u op "Ok, ik wil verder".
instellingen
Functionele cookies: deze cookies zijn nodig voor een goed werkende website
Analytische cookies: deze cookies worden gebruikt om statistieken van de website bij te houden. De analytische cookies zijn volledig geanonimiseerd en worden niet gedeeld. Tevens wordt het laatste octet van het IP-adres automatisch gemaskeerd.