Aankoop Barndesteeg 5: voormalig prostitutiepand op oud kloosterterrein

Aankoop Barndesteeg 5: voormalig prostitutiepand op oud kloosterterrein Aankoop Barndesteeg 5: voormalig prostitutiepand op oud kloosterterrein

Vorige maand zijn wij eigenaar geworden van het rijksmonument Barndesteeg 5. Het pand staat op de plek waar de Minderbroeders hun boomgaard hadden en aan de overkant van deze steeg lag het Bethaniënklooster. Maar eeuwen later was er geen sprake meer van de stille zijde van de stad. Duik mee in de kloosterhistorie van dit stukje binnenstad.  

In de Barndesteeg is nog een deel aanwezig van het voormalige Bethaniënklooster (1462). Het is een van de weinige gebouwen met nog aanzienlijke herinneringen aan de rijke middeleeuwse kloostercultuur in Amsterdam. Het gebied tussen de Oudezijds Achterburgwal en de Veste (later Kloveniersburgwal) kwam rond 1425 binnen de stad te liggen en werd bijna geheel door kloosters in beslag genomen. Vijf verschillende kloosters vonden er hun plek.

Het klooster van de Bekeerde Susteren
Het Bethaniënklooster, in de volksmond ‘het klooster van de Bekeerde Susteren’ genoemd was gewijd aan de heilige Maria Magdalena in Bethaniën (Bethaniën was een dorpje in de nabijheid van Jeruzalem waar Maria Magdalena zou hebben gewoond). Dit vrouwenconvent was oorspronkelijk bestemd voor ‘bekeerde zondaressen’ die leefden volgens de regel van Augustinus, maar was al snel populair bij gegoede vrouwen van onbesproken gedrag. De kloosterlingen beschikten over een eigen koestal (de Koestraat herinnert hieraan) en belastten zich verder met het vetmesten van ossen voor de schuttersmaaltijden. 
Stadsherstel ’s bierbrouwerij de Bekeerde Suster bevindt zich op dit voormalige kloosterterrein.

Het kloosterterrein van de Bekeerde Susteren
De kloostergebouwen hadden blinde muren naar de straat en stonden in een vierhoek gegroepeerd rond een open binnenterrein met tuin, een bleekveld en een kerkhof. De kloosterkapel was van het type dat in Amsterdamse vrouwenkloosters gangbaar was. Hij bestond uit een boven- en benedenkerk. De benedenkerk was openbaar toegankelijk, de bovenkerk diende voor de nonnen en was alleen via het klooster bereikbaar. Zo konden de nonnen gescheiden van de andere gelovigen de mis bijwonen. Tegenover de kapel bevond zich een vleugel met een blinde muur aan de Barndesteeg. Hier waren de keuken, twee spinkamers en een eetzaal met daarboven de slaapzaal ondergebracht. Dit deel van het klooster is nog aanwezig al zijn er wel een aantal gevelopeningen in gemaakt. 

Het Minderbroedersklooster
Omdat de stad inkomsten misliep door de kloosters, zij waren grotendeels vrijgesteld van belastingen, stonden ze niet te juichen als er weer een aanvraag binnenkwam voor het oprichten van een klooster. De prediker Johannes Brugman moest ook ‘praten als Brugman’ toen hij het Minderbroedersklooster wilde oprichten. Overigens waren de burgemeesters Andries Willemszoon en Willem Andries belangrijke donateurs van dit klooster. De eerste schonk veel grond, de tweede betaalde de kap en de leistenen bedekking.

Het Minderbroedersklooster (1462) was het grootste mannenklooster in de stad. In de 16e eeuw stonden de minderbroeders bekend als voorstanders van het doden van ketters. Bij de Beeldenstorm in 1566 vormde hun klooster daarom een belangrijk doelwit voor plunderaars. Na de alteratie werden de kloosters opgeheven en is dit klooster gesloopt.
Op de prent van Jacobus Stellingwerf uit 1725 is goed te zien hoe groot het Minderbroedersklooster was.

Van kloosters en deftige woonbuurt naar verval
In de eerste helft van de 17e eeuw werden de door de stad geconfisqueerde kloosterterreinen deftige woonbuurten. Sweelinck woonde er, de rector van de Latijnse school, Jan van der Heyden met zijn brandspuitenfabriek, en nog meer notabelen. In de 19e eeuw deelde de Bethaniënbuurt in de algemene verarming. De huizen waren vaak eigendom van kleine middenstanders, als oude-dag-voorziening, wat leidde tot te zuinig onderhoud en te veel huurders per pand. Stadsherstel heeft zich in de 20e eeuw met andere organisaties ingezet om dit stukje stad te behouden en ze heeft tientallen panden in de Bethaniënbuurt gered. (Bron Binnenstad Geurt Brinkgreve)

Ons monument Barndesteeg 5
Het hoge monument met maar liefst 5 verdiepingen is een voormalig prostitutiepand. We hebben het pand van de Gemeente Amsterdam gekocht met het doel het wonen in dit pand terug te brengen door er na restauratie 5 woningen in te realiseren. Die invulling is zeer welkom in deze straat waar Stadsherstel nog drie panden in bezit heeft. Barndesteeg 5 heeft een 18e-eeuwse gevel met een latere punttop maar is waarschijnlijk ouder achter de gevel. We hopen dat te ontdekken tijdens de restauratie die al is begonnen. Ook zijn we benieuwd of we in het archief nog meer interessante wetenswaardigheden kunnen vinden. We houden u op de hoogte.

Cookie toestemming
Deze website maakt gebruik van cookies van derde partijen voor analyse van dataverkeer. Privacyverklaring.